Wat is pesten?

Pesten zouden we kunnen omschrijven als het geestelijk en/of lichamelijk schade betrokkenen door een of meerdere personen t.a.v. een persoon. Dit kan op een opvallende maar ook op een meer verdoken wijze. Het gebeurt vaak en bewust. Er wordt steeds een ongelijke machtsverhouding nagestreefd.

Wie?

  • Eén pestkop in elke klas.
  • Eén op vier leerlingen in het basisonderwijs is het slachtoffer van pesterijen.
  • Vooral kinderen tussen negen en veertien jaar pesten.
  • Na de leeftijd van vijftien jaar blijven alleen nog de extreme gevallen doorgaan: jongens en meisjes met meestal ook andere problemen.

Waarom blijft pesten bestaan?

Leerkrachten, maar ook ouders, worden door de kinderen weinig op de hoogte gesteld van het pesten. Er zal dus in eerste fase een schoolcultuur moeten komen waar er voldoende bereidheid is om over het probleem te praten. Anderzijds zit meer dan de helft van de leerlingen die pesten in dezelfde klas. Er zal dus ook op klasniveau moeten gewerkt worden.

Waar en wanneer?

Pesten gebeurt vooral tijdens buitenklasmomenten. Ter illustratie: 77,5% op de speelplaats in vergelijking tot 3,3% tijdens de les. Het probleem moet bijgevolg ook op schoolniveau aangepakt worden.

Pesten bij kleuters

  • Vormen van pesten bij kleuters:
    • Met woorden (schelden, dreigen).
    • Lichamelijk (trekken aan de kleren, schoppen en slaan, krabben, bijten, bij de haren trekken)
    • Door uitsluiting (het kind mag niet meedoen, het wordt genegeerd, niet tegen hem praten)
    • Door iets af te pakken (koekje uit boekentasje nemen) of vernielen van zijn gerief (beschadigen van zijn spullen)
    • Door afpersing, anders volgen er dreigementen. (snoepje moeten afgeven)
  • Hoe werk je er aan?
    • Hoe doe je het best niet?
      • zelf boos worden
      • schelden, slaan of terugschreeuwen
      • hard “au” roepen
    • Hoe kan je het wel doen?
      • kleuter kalmeren
      • afleiden van het probleem naar iets anders

Kleuters nemen vaak het gedrag over van de volwassenen! Indien ouders thuis slaan, dan beschouwen de kleuters dit meestal als “normaal”.

Pesten bij lagere schoolkinderen.

  • Vormen van pesten bij lagere schoolkinderen
    • Met woorden (schelden, dreigen).
    • Lichamelijk (trekken aan de kleren, schoppen en slaan, krabben, bijten, bij de haren trekken).
    • Door uitsluiting (het kind mag niet meedoen, het wordt genegeerd, niet tegen hem praten).
    • Door iets af te pakken (koekje uit boekentasje nemen) of vernielen van zijn gerief (beschadigen van zijn spullen).
    • Door afpersing, anders volgen er dreigementen (geld, koek afgeven).
  • Pesten herkennen in het lager
    • Het kind trekt zich terug of isoleert zich.
    • Het kind heeft meestal geen vrienden of vaak maar één vriend(in).
    • Is vaak betrokken bij samenscholingen of opstootjes in de klas of op de speelplaats.
    • Is verlegen.
    • Heeft een negatief zelfbeeld.
    • Lijkt bang of van streek.
    • Is vaker afwezig.
    • Heeft psychosomatische klachten (hoofdpijn, buikpijn).
    • Zijn schoolresultaten gaan plots achteruit.
    • Wordt dikwijls als laatste gekozen bij het indelen van groepjes (sportles, groepswerk).
    • Niet meer naar school willen.
    • Zoekt de veiligheid van de leerkracht op.

 

Wat doen wij als school?

PREVENTIEF WERKEN

Werken aan een positief klasklimaat

Dit helpt probleemsituaties te voorkomen. Als leerlingen zich goed in hun vel voelen, zich veilig en verbonden voelen met elkaar en in hun omgeving, stijgt het welbevinden en zijn er minder problemen.
Enkele voorbeelden hoe we op school hier aan werken:

  • Het organiseren van groepsmomenten (start en einde van het schooljaar), uitstappen (boerderijklas, kamperen, schoolreis, enz.), sportcompetities tijdens de speeltijd, een schoolfeest,…
  • zorgen voor leuke en aangename klaslokalen: verzorgde en goed toegeruste leslokalen met voldoende licht, lucht en ruimte; aangename stoelen en banken; groen in de klas; …

Sociale vaardigheden ontwikkelen

Sociale vaardigheden bewijzen hun nut op verschillende gebieden. Ze kunnen zorgen voor het voorkomen en oplossen van ruzies of pestgedrag. Deze sociale vaardigheden worden bij voorkeur tijdens de lessen ingeoefend. Aparte lesuren zouden minder goed zijn.

Elk schooljaar wordt er met de school een “jaarthema sociale vaardigheden” uitgewerkt.

Investeren in het sensibiliseren en informeren van leerlingen

Leerlingen ervaren en merken pesterijen vaak veel sneller op dan de volwassenen in hun omgeving. Op klasniveau kan je kinderen bijvoorbeeld sensibiliseren door:

  • in de klas een gesprek te voeren over wat pesten inhoudt, wat het met iemand doet, waarom leerlingen eraan meedoen, enz. Dit kan bijvoorbeeld gebeuren naar aanleiding van het bekijken van een video, het lezen van een tekst/boek of aan de hand van affiches
  • het maken van klasafspraken. De leerlingen spreken klassikaal een vijftal regels af die het respectvol met elkaar omgaan helpen garanderen. Ook kan bekeken worden op welke manier met regelovertredingen kan worden omgegaan
  • het organiseren van een kringgesprek, waarin wordt nagedacht over de beste manier om een pestprobleem bespreekbaar te maken en tot een goed einde te brengen
  • het organiseren van een rollenspel met een klassikale nabespreking.

“De stoel”

Dit is een stoel  waar kinderen na een probleemsituatie op de speelplaats even op adem kunnen komen. Bij de stoel is materiaal voorzien om anoniem te tekenen, te schrijven. Zo kan de leerling zijn/haar hart luchten en eventueel om hulp vragen. Want voor sommige leerlingen is het moeilijk om direct hulp te vragen aan een leerkracht.

De pestkoffer

In onze scholengemeenschap en bij het CLB Ieper is er een pestkoffer beschikbaar. Hierin zitten allerlei boeken, materialen om te werken rond pesten.

 

HERSTELLEND WERKEN

De “no blame methode”

Een succesvolle methode in het aanpakken van pestgedrag is de “No Blame” aanpak. Deze aanpak volgt een procedure met zeven stappen. Die helpt leraren helpt om pesten aan te pakken. Bedoeling daarbij is dat iedereen zich goed voelt in de groep.

Aangezien pesten een groepsprobleem is betekent dit dat een individu zelden tot nooit het probleem kan oplossen, want een individu kan niet winnen van een groep. De groep moet in actie komen. De essentiële elementen in deze methode zijn:

  • Niemand wordt gestraft.
  • Aanmoedigen van inleven.
  • Gedeelde verantwoordelijkheid.
  • Probleemoplossend

Werkwijze

  • Stap 1: gesprek met het slachtoffer
  • Stap 2: bijeenkomst met de betrokken leerlingen
  • Stap 3: leg het probleem uit
  • Stap 4: deel de verantwoordelijkheid
  • Stap 5: vraag naar ideeën van elk groepslid
  • Stap 6: laat het aan hen over
  • Stap 7: spreek hen opnieuw aan

 

Vriendschap …

… is willen geven en kunnen

 

 

 

Gebruikerswaardering: 5 / 5

Ster actiefSter actiefSter actiefSter actiefSter actief
 
Hospitaalstraat 13, Vlamertinge 057 209 760